News & Events

Sjoerd Karsten: nuchtere balans van het mbo

Onderwijssocioloog Sjoerd Karsten heeft op dinsdag 12 april zijn boek De hoofdstroom in de Nederlandse onderwijsdelta. Een nuchtere balans van het mbo gepresenteerd. Het boek besteedt aandacht aan de voorgeschiedenis, de huidige stand van zaken en toekomstige ontwikkelingen van het mbo.

Het Utrechtse Centrum voor de Kunsten is op 12 april het toneel voor de boekpresentatie van De hoofdstroom in de Nederlandse onderwijsdelta. Een nuchtere balans van het mbo. Diverse betrokkenen, waaronder auteur Sjoerd Karsten, laten tijdens de drukbezochte bijeenkomst hun licht schijnen op het boek én op het mbo. Dagvoorzitter Jeannette Noordijk, CvB-voorzitter van het Koning Willem I College, trapt de middag af met de constatering dat het hoog tijd is voor een goed boek over het mbo in Nederland. ‘Dat boek is er nu. En dat is iets om heel blij mee te zijn.’

Focus

In een serie korte interviews spreekt Noordijk daarna met diverse vertegenwoordigers uit het mbo. Aan Marjolein Held, voorzitter van de BVMBO (de beroepsvereniging voor mbo-docenten) en docent verpleegkunde aan het Koning Willem I College, vraagt ze wat er volgens mbo-docenten beter kan in het mbo. Eerst benadrukt Held dat er veel goed gaat, maar dat het wel zaak is om docenten beter in hun kracht te zetten. ‘In het mbo moeten we nóg meer focussen op wat de student nodig heeft. Daarbij moeten we niet uit het oog verliezen dat we de docent in staat moeten stellen hiervoor te zorgen.’ Held is daarnaast zeer te spreken over het boek van Sjoerd Karsten. ‘Het hoort een vaste plek te krijgen op de boekenlijst van de lerarenopleidingen. Het geeft inzicht in het mbo en de betekenis van het mbo voor onze maatschappij.’

Trots

Daarna wordt Anke van Bodegom, bestuurslid bij de MBO Raad en voorzitter van het College van Bestuur van het SOMA College, geïnterviewd. Zij roemt de waarde van het mbo voor Nederland. ‘Hoewel het sexy is om kritisch te zijn op het mbo, is die kritiek niet altijd terecht. In het mbo geven we goed onderwijs aan heel verschillende studenten. Ook zorgen we ervoor dat het bedrijfsleven beschikt over goed gekwalificeerde arbeidskrachten. Dat is iets om trots op te zijn.’ Noordijk vraagt Van Bodegom ook wat zij vindt van de discussie over schaalgrootte die op dit moment wordt gevoerd. ‘Dat is inderdaad een hot item in het mbo’, beaamt Van Bodegom. ‘Maar “klein” is niet per se zaligmakend. Het gaat om hoe je het onderwijs inricht. En dat je daarbij de student blijft zien. Ook veel grote roc’s zijn hier goed mee bezig. Ze richten hun onderwijs zo in dat het voor de student herkenbaar is en geborgen voelt.’

Top vijf

De volgende persoon die aan het woord komt, is Inge Vossenaar, directeur mbo bij het ministerie van OCW. Ook zij ziet de toegevoegde waarde van het mbo. ‘De helft van de werknemers in ons land is opgeleid in het mbo. Deze groep levert een zeer substantiële bijdrage aan de Nederlandse economie. Ook in internationaal opzicht mag het mbo er zijn. Onderzoek van de OECD laat zien dat Nederland qua beroepsonderwijs een top vijf plek scoort.’ Vossenaar vindt bovendien dat het mbo een belangrijke rol vervult in het voorkomen van segregatie in de samenleving én het onderwijs. ‘Het mbo is de emancipatiemotor voor een groot deel van de samenleving. Je leert er kritisch denken en debatten voeren. Dat zijn waardevolle competenties.’

Werknemer of burger

Nicky Nijhuis, voorzitter van de Jongerenorganisatie Beroepsonderwijs (JOB) en student bank- en verzekeringswezen aan het Koning Willem I College, is helaas niet in de gelegenheid aanwezig te zijn bij de boekpresentatie. Een grote treinstoring belet hem naar Utrecht af te reizen. Wel kan dagvoorzitter Jeannette Noordijk een bericht overbrengen dat hij vanuit een stilstaande trein heeft doorgestuurd. ‘Het boek van Sjoerd Karsten bezorgde mij een gevoel van jaloezie. Het werd direct onder mijn neus weggekaapt door mijn medebestuursleden. Ik moest wachten om het te kunnen lezen. Eén simpele vraag die hij stelt, maakt het boek voor mij direct van onschatbare waarde: leiden wij studenten op als toekomstige werknemer, of als burger? In het laatste geval, moet het mbo inzetten op maatwerk en persoonlijke begeleiding. Filosofie wordt onderdeel van ieder curriculum en geen enkele student verlaat het mbo zonder dat hij zijn belastingaangifte goed kan invullen. Leiden we studenten op voor de arbeidsmarkt, dan moet de focus liggen op die arbeidsmarkt. De gulden middenweg is wellicht het beste. Waarbij we onszelf deze bijzonder relevante vraag telkens weer moeten stellen.’

Anekdotes

Voordat auteur Sjoerd Karsten het woord krijgt, nemen eerst zijn onderzoeksassistenten de gelegenheid te baat om kort enkele anekdotes te vertellen over de totstandkoming van het boek. Lodewijk Berkhout vertelt met zichtbaar genoegen over de vele interviews die hij samen met Karsten door het hele land heeft gevoerd. ‘De trein was onze werkplek. Het mooie was dat we ook altijd aanspraak hadden in de trein. Niet alleen kent Sjoerd de halve wereld, ook blijkt iedereen een mening te hebben over het mbo. Die overigens graag met ons werd gedeeld.’ Régina Petit noemt de interviews erg leerzaam. ‘Heel bijzonder vond ik het groepsgesprek dat ik met Sjoerd voerde bij Tata Steel. Daar spraken we met meerdere generaties werknemers – waarvan sommige personen al dertig jaar lang bij het bedrijf werken – over hun opleiding. Erg interessant.’

Geen juichverhaal

Het laatste woord is aan Sjoerd Karsten zelf. Hij vertelt dat het hem is opgevallen dat er relatief weinig onderzoek wordt gedaan naar het mbo. ‘Een groot gemis, want het beroepsonderwijs is enorm belangrijk voor Nederland.’ Zijn boek is echter geen juichverhaal. ‘Het is een afgewogen geheel, waarbij ook de grote dilemma’s van het mbo aan bod komen. Het biedt hopelijk een goede basis om met elkaar een gefundeerde discussie te voeren over waar het heen moet met het beroepsonderwijs.’ José van den Berg, managing onderzoeker bij ecbo, sluit de middag af. ‘Hoewel het boek van Sjoerd af is, geldt dat niet voor het gesprek dat we met elkaar moeten voeren. We gaan Sjoerds boek met veel plezier lezen. En hopelijk kunnen we tijdens de borrel alvast met elkaar in gesprek gaan over het boek én het mbo.’

Karsten met boek
Het boek

Zo’n veertig procent van de beroepsbevolking heeft een mbo-opleiding gevolgd. Van de jongeren die op dit moment onderwijs volgen, gaan er meer dan een half miljoen naar het mbo. Het mbo is daarmee de hoeksteen van ons onderwijsstelsel. Toch is het beeld dat mensen van het mbo hebben onscherp of onvolledig. Het boek van Sjoerd Karsten brengt hierin verandering. De hoofdstroom in de Nederlandse onderwijsdelta. Een nuchtere balans van het mbo behandelt alle belangrijke thema’s rond het mbo: de voorgeschiedenis van het mbo, de huidige stand van zaken en ook toekomstige ontwikkelingen.

Het boek is te koop bij de boekwinkel en bij uitgeverij Garant.

Geef een reactie

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.